Aghora - Formless

Aghora - Formless

Label : Season Of Mist | Archiveer onder prog / sympho metal

Release type: Full-length CD

Vera : Instrumentaal zo goed als briljant, maar vocaal weldra irritant. Dat is een summiere samenvatting van de indruk die 'Formless' bij me achterlaat. Ik besef dat ik Aghora hier wellicht tekort mee doe, want er staan legio magnifieke stukken op dit tweede album, maar de langgerekte zanglijnen vloeken met het hectische instrumentale patroon dat de supermuzikanten zo ingenieus creëren. Maar goed, het is blijkbaar een bewuste keuze van dit in 1995 door gitarist Santiago Dobles opgerichte Aghora om het geheel te voorzien van verzachtende zang. Voor het titelloze debuut kreeg hij gezelschap van enkele kanjers uit de Amerikaanse heavy progressieve rock, zoals bassist Sean Malone (Cynic, Gordian Knot) en drummer Sean Reinert (Cynic, Death). Zoals je merkt, mannen aan wie je niet moet uitleggen hoe een degelijke ritmesectie in elkaar steekt. Aan dat eerste album werd zes jaar gewerkt en het werd ingezongen door de zangeres Danishta Rivero.

We zijn nu zeven jaar later. Bassist Sean Malone is van het toneel verdwenen en vervangen door Alan Goldstein, maar die kent de knepen van het vak ook. Luister maar naar zijn fretloze solo in 'Duel Alchemy' die naadloos overgaat in een hectische gitaarsolo van Santiago. De drums werden deels nog ingespeeld door Cynic trommelaar Sean Reinert, maar als nieuwe kracht merken we Giann Rubio op. Last but not least is er Diana Serra, een twintigjarige nieuwkomer wiens vocalen me nog het meest aan Anneke van Giersbergen (The Gathering) doen denken. Zweverige zang, relax en exotisch (wanneer je er gewoon andere muziek op zou mixen hoort dit in een pitabar - hier ga ik weer reacties op krijgen - maar het album bevat nou eenmaal een flinke scheut oriëntaalse invloeden). Laten we het gewoon maar weer houden bij etherische zang.

Dit alles in een massief kader van progressieve technische metal met razendsnelle arpeggio's en heel wat thrash riffs. Dit geeft de muziek een erg modern tintje (hoor ik daar nu metal fluisteren?). De muziek is rijk aan wendingen en overgangen, maar dit wordt allemaal vloeiend aan elkaar gelijmd. Waar de band toe in staat is horen we in het evenwichtige, instrumentale 'Dime' (opgedragen aan Dimebag Darrell en dus niet gespeend van Pantera karakteristieken) waar fushion, thrash en progressieve rock op een verbluffende manier samengaan. Een ander sterk nummer is het sterk aan Tool verwante 'Skinned' dat wilde progressieve uitbarstingen kent. Daar staat een zwak nummer als '1316' tegenover dat ik als voorbeeld wil aandragen om mijn minder oordeel over de zang te illustreren. Het wordt wel overmeesterd door de prachtige en twaalf minuten klokkende titelsong met een goede dynamiek tussen uit de bol gaande instrumentale erupties en atmosferische stukken met dromerige zang. U bent verbaasd dat dit meer dan zeventig minuten durende huzarenstukje eindigt met enige sjamaan gezangen en uitheemse percussie? Dan was ik je vast nog vergeten te vertellen dat dit een conceptalbum is over de bevrijding van ziel, geest en lichaam.

Besluit: 'Formless' vraagt veel van de luisteraar. Niet alleen door zijn aanzienlijke lengte, maar ook door zijn gedurfde aanpak. Ik onderken zonder twijfel de genialiteit van de muzikanten. Avontuurlijke progfans die niet schrikken van enige "heaviness” zullen dit album mogelijk warm onthalen. De zang zal een kwestie van "love it or hate it” blijven.

<< vorige volgende >>