Listen live to Radio Arrow Classic Rock
Sons Of Morpheus - The Wooden House Session

Sons Of Morpheus - The Wooden House Session

Label : Czar Of Crickets Productions | Archiveer onder stoner

Release type: Full-length CD

Jan-Simon : The Wooden House Session van het Zwitserse trio Sons of Morpheus is precies dat wat de titel van het album doet vermoeden: het resultaat van een opnamesessie in een afgelegen houten huis, ergens op het platteland van Zwitserland. Drie songs verschenen vorig jaar reeds op een split album met de Duitse band Samavayo. Nu verschijnt dus de rest als derde album van de band.

Het is een afwisselend album geworden dat begint met een bijzondere fusie van Ennio Morricone, Link Wray en Dick Dale. Doomed Cowboy is geheel in lijn met het artwork van het album een in de reverb en fuzz gedrenkte instrumental die zo van de soundtrack van een obscure spaghetti western geplukt had kunnen zijn. Met subtiele hints naar andere klassiekers zoals het Batman thema is het alleszins een bijzondere opening van het album. Een ouverture die veelbelovend is en nieuwsgierig maakt naar wat verder komen gaat. Jammer genoeg is Doomed Cowboy een beetje een vreemde eend in de bijt, vergeleken met wat er nog volgt. Geen surfachtige instrumentals meer, de band boort andere bronnen aan. Niet dat de meer op de stonerpop van Queens of the Stone Age gestoelde songs zoals Loner en Sphere slecht zijn, absoluut niet. Het haalt het alleen niet bij het eerste nummer.

Gelukkig worden de beide uitersten op een uiterst geslaagde wijze gecombineerd op Paranoid Reptiloid, een alle-remmen-los uitbarsting van riff- en sologeweld gecombineerd met melodieuze zang. The Wooden House Session blijkt een tamelijk kort album te zijn dat hinkt op (minstens) twee gedachten. Aan de ene kant wil Sons of Morpheus een wilde rock Mr. Hyde zijn, een beetje zoals Karma To Burn, een van de illustere bands waarvoor ze het voorprogramma hebben verzorgd. Tegelijkertijd schuilt er een meer melodieuze, beschaafde Dr. Jekyll in dit drietal uit Basel. Beide uitgangspunten botsen regelmatig en deze botsing komt het best tot uiting in het zeer lange slotnummer Slave (Never Ending Version) dat zowel heavy psych, bluesrock als indiepop is. Het gaat van powerchords en fuzzende basloopjes naar slidegitaar en ouderwetse” gitaarsolos. Het middenstuk is zeer geslaagd, dan volgen een paar minder interessante minuten om vervolgens na een gigantische apotheose weg te sterven in een eenzame echoput. Een bijzonder nummer en in zekere zin een perfecte samenvatting van dit album, dat wat mij betreft sterker was geweest als het iets minder afwisselend was. Desalniettemin een verdienstelijk album dat bij liefhebbers van bands als Kadavar en Kamchatka in de smaak zal vallen.

<< vorige volgende >>