Listen live to Radio Arrow Classic Rock
Rise Of Avernus - Eigengrau

Rise Of Avernus - Eigengrau

Label : Code 666 | Archiveer onder death metal / grindcore

Release type: Full-length CD

Vera : Australië biedt ons toch geregeld zeer aparte bands. Denken we aan Ne Obliviscaris of Rise Of Avernus, dan zien we telkens sterretjes voor de ogen in verband met hun complexe amalgamen van progressieve, extreme metal met weelderige orkestratie. De lange songs zijn telkens voorzien van inventieve wendingen, die pas na meerdere luisterbeurten hun geheimen prijsgeven. Toen Rise Of Avernus begin 2014 aan de deur klopte met het debuut ’L’Appel Du Vide’, waren we diep onder de indruk. In 2015 volgde de EP ’Dramatis Personae’ welke enige verwarring in ons hart zaaide, vanwege bezettingswijzigingen en een resolute keuze voor nog meer orkestratie. We zijn dus benieuwd wat men half januari voor ons in petto heeft op ‘Eigengrau’.

Rise Of Avernus maakt een constante evolutie door. In vorig werk constateerden we gotische en doom invloeden naast een death metal bastion en hoorden we soms vrouwelijke vocalen. Vergeet dit alles. Nu is het weldoordachte death metal met weelderige orkestratie, zodat de link met Septicflesh, Ex Deo en Fleshgod Apocalypse steeds groter wordt. Aan het roer staat nog steeds Ben VanVollenhoven (zang, gitaar, orkestratie) met bijstand op keyboards en drums. Het is een veelgelaagd werk, maar daar zijn we niet verwonderd over. De mix en mastering was in handen van Logan Mader, geen kleine speler in de productiewereld, terwijl Seth Siron Anton (Septicflesh) voor het artwork verantwoordelijk was. Aangezien we dit in feite ook onder ‘different metal’ kunnen plaatsen, vanwege de overvloed aan indrukken en invloeden, kunnen we stellen dat de volgepropte songs voldoende rustpunten kennen om de weg in dit muzikale labyrint niet teveel kwijt te geraken. Etnische gezangen, didgeridoo, harp en akoestische gitaren… ze hebben allemaal een moment van glorie in de lange songs die vooral uitmunten in strakke riffs, death grunt en enkele screams plus zeer weelderige orkestratie. Het duistere ‘Gehenna’ herbergt ook nog enige cleane mannenzang, her en der duiken gesproken stukken op om dit conceptalbum over de grijze zone die je waarneemt bij totale duisternis nog meer mysterie bij te brengen en men weet een goede balans te vinden tussen geselen en zalven. Daarvoor moet je wel bereid zijn om deze vrucht des arbeid meermaals te ondergaan, want dat ‘Eigengrau’ hamerend inbeukt op je geest en daar blijvend letsel kan veroorzaken, daarover bestaat geen twijfel.

<< vorige volgende >>