Listen live to Radio Arrow Classic Rock
Pyogenesis - A Kingdom To Disappear

Pyogenesis - A Kingdom To Disappear

Label : AFM Records | Archiveer onder gothic metal

Release type: Full-length CD

Vera : 2015 was het jaar van de comeback van Pyogenesis met nieuw werk. En als fan van mijlpalen uit de jaren negentig werden we niet teleurgesteld door ’A Century In The Curse Of Time’! Het bleek dan ook nog eens de start van een trilogie te zijn (over de negentiende eeuw en de vooruitgang der technologie met impact op het menselijk bestaan). Het tweede deel van deze trilogie heet ‘A Kingdom To Disappear’ en verschijnt anderhalf jaar later. Muzikaal en tekstueel ligt deze geheel in de lijn van de voorganger, zodat bandleider Flo V. Schwarz en zijn kornuiten ons weer onvergetelijke luisterpret bezorgen.

Wat Pyogenesis zo onweerstaanbaar maakt, is dus weer volop aanwezig: het ene moment punkachtige heftigheid met een vleugje death metal, plots die zoete refreinen, maar ook beschouwende luisterliedjes. Met een gigantisch vermogen om weldra uw favoriete “Ohrwurm” te worden. Het vredige intro ‘Sleep Is Good’ heeft de waardigheid van het Victoriaanse tijdperk, maar die grandeur heeft ook al een morbide trekje (tekst). Vervolgens schiet men in ‘Every Man For Himself And God Against All’ heftig en snel los in punk/death stijl met ruwe grunts van Flo en topsnelheden. Tijdens het refrein houdt men in en wordt het vredig cleane zang, super aanstekelijk. Deze wisselwerking tussen opruiende passages met grunts en catchy refreinen is een kenmerk dat van ‘I Have Seen My Soul’ ook zo’n instant hit maakt. Het blijft meteen door je hoofd spoken. Dit is werkelijk superieur gemaakt, met stevige oneliners en een vurige gitaarsolo van de Engelsman Gizz Butt als toetje. Na het verhalende ‘A Kingdom To Disappear (It’s Too Late)’ komt er een andere sterke eigenschap bovendrijven in de twee volgende songs: contemplatieve melancholie. Met piano, akoestische gitaren en aangrijpende zang, is ‘New Helvetia’ ontroerend mooi. Zeker wanneer je de achtergrond van het nummer kent. Lees het interview er maar eens op na, dan krijgen de songs nog een diepere betekenis. Even sensitief is ‘That’s When Everybody Gets Hurt’ met een prominente rol voor drummer Jan Räthje, engelenzang en sobere instrumentatie. Het wordt terug steviger in het punkachtige, bijna uitgelaten ‘We (1848)’ met zijn scheurende gitaarsolo. Soms doet de band me ook wel aan Therapy? denken. Maar ze zijn ontstaan in de jaren negentig en dus is het geen wonder dat ‘Blaze, My Northern Flame’ ook heerlijke death growls en blackinvloeden bevat, in contrast met het zoete refrein. Wat is dit een knaller, ook één van onze favorieten! Net als op het vorige album, wordt er afgesloten met een lange track. Dat is ditmaal het dertien minuten durende ‘Everlasting Pain’ waarin men de kaart van volledig sentiment en melancholie trekt (doet me soms aan Anathema denken), maar knap naar een heerlijke climax toewerkt met hartverscheurende wanhoop en huilende gitaarsolo. Wat een topalbum! Verslavend bovendien.

<< vorige volgende >>