Listen live to Radio Arrow Classic Rock
3rd Machine  - Quantified Self

3rd Machine - Quantified Self

Label : Into The Limelight Records | Archiveer onder different metal

Release type: Full-length CD

Vera : Met een naam zoals 3rd Machine is het logisch dat de muziek wat mechanisch en eh… machinaal klinkt. Sterker nog, dit wordt aangeboden als industrial metal, maar gelukkig is dit album zo verscheiden dat het ook interessant is voor lui die niet zo te vinden zijn voor dit subgenre. Het in 2005 opgerichte vijftal (met nog drie originele leden) acht de tijd rijp om na drie EPs een volledig album uit te brengen. De hoofdmoot van ‘Quantified Self’ is beukende, moderne metal. U weet wel, de spierballen rollen en er ontstaan spontaan moshpit in het publiek. Pantera, Machine Head en Soulfly kunnen we als invloeden vermelden, terwijl de teksten handelen over de gevaren van het digitale tijdperk.

Opener ‘Curveball’ is dan ook op en top energiek, met John Ruiter als brulboei met hardcore randje. Maar er zijn ook fragmenten met cleane zang en deze zijn ronduit pakkend. Bovendien worden de riffs aangezet met mooie solo’s welke een virtuoze complexiteit etaleren. In het aan Soulfly verwante ‘Reboot Initiate’ duiken onverwachte jazzy, progressieve loopjes op en in bijna elke song zijn er gesproken passages, soms met samples. De strakke riffs van het titelnummer houden even halt wanneer er cleane, egale zang aan te pas komt, met gastbijdragen van Rebecca Duin en Pieter Bas Borger. ‘Ultimate Intelligence’ begint met fraai bluesy gitaarspel, maar verwordt dan tot een amalgaam van hamerende staccato riffs en afgerammelde woede. Maar solo’s meanderen er doorheen en de cleane zangpartijen zijn weer uiterst catchy. Mark Jansen (Epica, Mayan) heeft een gastrol in dit nummer. Het tweede deel van het album bevat erg veel atmosferische passages op synthesizer, te beginnen met ‘Firewall’, uiteraard temidden van de afgemeten, bijna eentonige riffs. De stugge riffs in ‘Magnet’ worden aangezet met synths en enige orkestrale arrangementen, terwijl we dit nummer zelfs episch kunnen noemen. Dat geldt ook voor ‘1953’ waarin de watersnood aan bod komt, met veel dramatiek en emotie gebracht. Na deze twee relatief kalmere songs met veel breaks, wordt ‘System Idle’ en afsluiter ‘Petrified’ terug een festijn van beukende riffs en toornige brulzang. In ‘Petrified’ is het contrast tussen de opgejaagde extreme zang en de welhaast serene cleane stukken erg groot. Er gebeurt veel op ‘Quantified Self’, maar de Amsterdammers bewijzen dat ze meer in petto hebben dan op maat gesneden dynamische riffs en hardcore zang. Vandaar dat we spreken van een geslaagde genreplaat. Welk genre dat nu precies is laten we in het midden, maar er is van alles wat. Check it out!

<< vorige volgende >>