Listen live to Radio Arrow Classic Rock
Steel Panther - All You Can Eat

Steel Panther - All You Can Eat

Label : PIAS | Archiveer onder hardrock / aor

Release type: Full-length CD

Ramon : Yes, the bitchin’ is back! De band die maar in twee smaken komt: “love to hate them”, of “hate to love them”. Die eerste groep mag iets anders gaan doen, daar schrijf ik dit niet voor. Hoewel, als je wankelt kan ik je misschien over de streep trekken. Want zo groot als de teleurstelling was na het verschijnen van voorganger ‘Balls Out’, zo opgelucht ben ik nu. Ik besef met vol verstand overigens dat ‘Balls Out’ niet zo teleurstellend was geweest als ik de gedachte aan het debuut (onder deze bandnaam) ‘Feel The Steel’ niet op de voorgrond van mijn geheugen had. En daardoor kan ik nu met een schone lei, objectief luisteren en op volkomen ongepaste momenten meezingen, met dit wanstaltige meesterwerk. De eerste kennismaking was met het middelmatige ‘Party Like Tomorrow Is The End Of The World’, maar de rest van het album heeft wel wat meer te bieden dan dat. Al was het maar de prachtige hoes, waarop ‘Het Laatste Avondmaal’ wordt uitgebeeld. Maar dan met pizzadozen en Michael die zijn hoofd naar de andere kant knikt. En nog wat andere, tamelijk onbeduidende aanpassingen.



‘All You Can Eat’ is nog besmettelijker dan de SOA’s waar Steel Panther over zingt. Ik krijg hem drie weken voor de releasedatum en het is nu al de meest gedraaide schijf in 2014 voor mij en dat kon wel eens zo blijven. Alle vertrouwde elementen zijn weer aanwezig, maar er zijn ook wat nieuwe dingen. Traditioneel staat de hardste plaat aan het begin en bewandelen ze met zevenmijlslaarzen de delicate lijn die rock en metal soms afscheidt. Maar niet voor Steel Panther, die wisselen met het grootste gemak, soms zelfs gewoon midden in een nummer. De bitchin’ riffs van Satchel zijn er weer, de perfect passende zang van Michael Starr lijkt op de momenten dat het nodig is nog dramatischer en vromer dan ooit te klinken en drummer Styx Zadina krijgt wat vaker de ruimte om een passage nog meer metal te maken en Lexxi blijft gewoon het lekkerste wijf van de band, die maar sporadisch (‘If I Was The King’) op de voorgrond komt. Uiteraard zijn ook de koortjes en de toetspartijen er weer bij.

Wat wel een noviteit is, voor zover ik het kan beoordelen, is dat er geen gastoptredens vermeld staan. En ik mis ze ook niet. Ik vraag me wel af wie de achtergrondzang van ‘Gloryhole’ op zich heeft genomen. Het is met afstand mijn lievelingsnummer van deze release overigens en het past prima in de lijn van de band, met toch een originele insteek (niet grappig bedoeld). Heel voorzichtig is het misschien wel mijn favoriete nummer van de band ooit, in elk geval op het moment van schrijven. Een ander ding dat nieuw is, en dat mag de krant in, is dat er een nummer op staat dat geen enkele censuur behoeft, namelijk de tweede single van het album, ‘The Burden Of Being Wonderful’. Bij ‘You’re Beautiful When You Don’t Talk’ lijkt het ook zo, maar daar noemt hij toch even terloops een “Boston Pancake”. De gewoonste zaak van de wereld in de laatste keer voordat je het uitmaakt natuurlijk.



Een ander hoogtepunt is de lekkere fanatieke opener ‘Pussywhipped’, wat voor de romantici onder ons een prachtige ziekte is, maar niet voor diegenen die het als taak in het leven zien zoveel mogelijk met je maten te hangen en op zoek te gaan naar andere vrouwen. Op de love ballads laat Satchel zijn gitaar echt volledig in lijn der verwachting met blue notes janken als een oude, eenzame bluesgitarist. Het refrein van ‘Bukkake Tears’ lijkt zo lief en onschuldig, als je de context niet kent. Starr laat overigens de kans liggen om een mooie, lange uithaal te doen, vlak voor het eerste refrein. De intro’s van de nummers “Fucking My Heart In The Ass’ en ‘B.V.S.’ lijken verdomd veel op elkaar. Dat weet ik, omdat ik eerstgenoemde toch regelmatig doorklik. Het is een beetje een filler en geen killer. Daar gaat ‘B.V.S.’ trouwens ook over. Midas Dekkers noemde het ooit “of je een banaan in een bushokje gooit”. Maar ligt het dan aan de banaan of aan het bushokje dat je niks raakt?

De teksten zijn soms wat obligaat, maar als je er niet teveel pretenties bij hebt is het eigenlijk altijd wel lachen. Het beste voorbeeld is natuurlijk ‘Gangbang At The Old Folk’s Home’, wat zo ver gezocht is, dat het wel waar gebeurd moet zijn. Een andere is ‘If I Was The King’. Wat zou jij doen? Van Steel Panther kun je het wel raden. Ik zie wel plannen voor de volgende verkiezingen. ‘Ten Strikes You’re Out’, wat volgens mij drie is, maar het geeft aan dat je na tien goede redenen je meisje er uit moet zetten. Bij de derde zou ik al klaar zijn, maar de vierde is de beste. Er zit ook nog een sneer in naar de groeiende populariteit van Facebook onder ouderen. Afsluiter ‘She’s On The Rag’ (zoek zelf maar op) is ook grandioos. Donker van sfeer, een tikkeltje kwaad en hij maakt reclame voor de gitaar van Satchel, waar hij in ‘Gloryhole’ al reclame maakte voor de onderbroekenlijn van zijn grote vriendin Bobbi Eden en in ‘If I Was The King’ voor Starbucks.

Wees alert op wanneer je wat van ze zingt, gelukkig zijn er nu ook iets vriendelijkere alternatieven, tenzij je overtuigd Calvinist bent, maar wat is het toch een feest om met deze onzin op je kop over straat te lopen. Onzin op een niveau ver boven verwachting uitgevoerd. We zijn nog niet van Steel Panther af en van mij mag het ook nog wel even doorgaan. Ik heb veel te lang met pretenties in mijn muziekhart rondgelopen en dit soort bands buitengehouden. En eigenlijk nog steeds terecht, voor Steel Panther gelden de regels van fatsoen en goede smaak echter niet meer. En die paar punten van kritiek, bukkake off, dit is gewoon weer een geweldig album, als je in staat bent je er voor open te stellen.

<< vorige volgende >>