Listen live to Radio Arrow Classic Rock
Sólstafir - Svartir Sandar

Sólstafir - Svartir Sandar

Label : Season Of Mist | Archiveer onder different metal

Release type: Full-length CD

Vera : De (muziek)wereld was niet meer hetzelfde na het verschijnen van 'Masterpiece Of Bitterness' op de voorlaatste dag van 2005 en de opvolger 'Köld' greep me in 2009 evenzo naar de keel. Met kloppend hart begin ik dan ook aan de verkenning van het dubbelalbum 'Svartir Sandar' (zwart zand, zwarte woestenij). Het wordt een geestverruimende trip door de adembenemende natuur van IJsland, het thuisland van deze vier eigenzinnige muzikanten. Het gevoel van een zekere herkenning bij een derde album is niet te negeren, maar binnen die specifieke Solstafir sound weet de band nog steeds verrassende wendingen in hun lange epossen in te bouwen. Op dit (bijna hoogdravend) niveau is dat enkel weggelegd voor uitzonderlijk getalenteerde bands.

Hier een label of genre opplakken zou leiden tot grote onvolledigheid, zelfs misverstaan van de boodschap. Laat ons het houden op het volgende: de ruwheid der black metal roots blijft behouden, maar is intussen uitgedijt als het heelal in een amalgaam van vervormde, uitwaaierende gitaren, wanhopige en/of weemoedige zang van Adalbjörn Tryggvason en een snuifje experimentele psychedelica. Het woord post rock mag genoemd worden, al neigt Solstafir meer naar metal en ontsnapt bijgevolg aan het arty-farty imago van dat genre. Hoera!

Album één, 'Andvari' genaamd, rolt geheimzinnig de luisteraar tegemoet, als vredig lava uit de Eyjafjallajökull. De uitbarsting komt echter in retrograde, want de energie wordt samengebald in uiterst stuwende stukken, waar de wanhopige zang een extra textuur toevoegt. Je ervaart het zelfs niet storend dat alle teksten ditmaal in het IJslands zijn en we er dus geen snars van begrijpen. De keelklanken vormen een harmonieus geheel met het soms ruimtelijke, soms oerprimitieve totaalgeluid. Omdat de openingstrack al bijna twaalf minuten duurt, geeft dit een treffend beeld van wat we kunnen verwachten. 'Fjara' is, om ons niet al te zwaar te belasten, een compositie die vrij traditioneel is en bijgevolg staat de weemoedige, gevoelige kant met cleane zang, piano en slepend gitaarwerk hier voorop. 'Pin Ord' is dan weer wild rockend, geënt op een simpele repetitieve riff, maar met uitvallen waar men lekker loos gaat. Het mijmerende allooi met psychedelisch tintje komt aan bod in 'Sjúki Skugginn' en het atmosferische 'Kukl' (erg mooi), daartussen staan een snel en meteen vertrouwd klinkende 'Æra' zodat we voorlopig concluderen dat de band gefocust blijft in veel kortere songs en variatie biedt.

Album twee, 'Gola' genaamd, zou volgens zijn ondertitel stormachtiger zijn. Het staat als een paal boven water dat men hier wat meer experimenteel te werk kan gaan wegens drie songs van rond de tien minuten. 'Melrakkablús' beklijft meteen met aanvankelijk vloeiende gitaarlijnen en een bijna prog/jazzy toets. Pas na vijf minuten is er bescheiden zang. Men werkt naar een climax toe met prachtig gitaarwerk en een kwieke acceleratie. Het album heeft een filmische sfeer, zoals een soundtrack en dat gevoel wordt vermeerderd wanneer we na het vlot rockende 'Draumfari' ronddwalen in dreigende, uitdijende Pink Floydachtige klanken, terwijl een vrouw het weerbericht (?) voorleest. Althans zo lijkt het toch. Dit muzikale walhalla wordt vervolledigd door twee lange tracks. Het titelnummer is slepend traag met scheurende gitaren, maar erg stuwend. Het zwelt aan tot onaardse verhevenheid wanneer synhs en koorzang samensmelten. Je kan amper onderscheid maken, maar het brengt je in een andere dimensie. We hoeven er geen tekeningetje bij maken dat ook het laatste nummer een goed evenwicht tussen weemoed en stevig rocken vindt, met veel betoverende klanken.

Een album van Solstafir beluister je niet vluchtig, het is een weekenduitstap naar onwezenlijke streken, letterlijk en figuurlijk, waar een pulserend magmalandschap in psychedelische tinten je langsheen zoveel verschillende stemmingen brengt dat je er eeuwig van kunt genieten. Dit is niet zomaar een (dubbel)album, dit is een kunstwerk. Dat wordt ook geïllustreerd door het feit dat het viertal een kunstenaar aantrok om voor elke song passend artwork te maken. Een plaatsje in mijn jaarlijst is verzekerd. Trouwens, liefhebbers van de laatste Moonsorrow werkjes moeten dit zeker ook onderzoeken!

<< vorige volgende >>