Silent Stream Of Godless Elegy  - Návaz

Silent Stream Of Godless Elegy - Návaz

Label : Season Of Mist | Archiveer onder different metal

Release type: Full-length CD

Vera : Silent Stream Of Godless Elegy moet zowat de eerste Tsjechische band zijn waar ik van hoorde. Opgericht in 1995 waren zij op de albums 'Iron' (1996) en 'Behind The Shadows' (1998) sterk beïnvloed door My Dying Bride. Dat uitte zich in het gebruik van viool, cello en zware riffs, zodat men een erg melancholiek gevoel kreeg. Door wisselende bezettingen en natuurlijk ook meer ervaring, heeft men daarna een eigen stijl ontwikkeld. De Moravische folk elementen vermeerderden, de muziek werd verfijnder en de band kon in eigen land op veel succes en respect rekenen. Ze wonnen zelfs tweemaal de Tsjechische Grammy Award in de categorie hard/heavy en werkten op het album 'Relic Dances' samen met de in Tsjechië erg bekende folkmuzikant Thomáš Kočko en het dulcimer ensemble Radošov. Op algemene aanvraag kwam er nog een vervolg van deze folk aanpak in de vorm van de ep 'Osamali' (2006).

We zijn nu vier jaar verder en na de verovering van het thuisland moet het nu toch ook in het buitenland eindelijk eens gaan lukken, zeker omdat er momenteel grote belangstelling is voor metal met folk invloeden en de band tot de pioniers van het genre behoren. Het was altijd een probleem om hun albums in onze streken te vinden, dus is de nieuwe deal met Season Of Mist een grote vooruitgang. Bovendien moest het geluid pico bello zijn, daarom ging men de studio van Roland Grapow in (Masterplan, hij woont in Slowakije). Wat meteen opvalt, is dat de band nu in de eigen taal zingt. Dit verhoogt de authenticiteit. Een flink deel van de zang wordt door Hanka gedaan, bijgestaan door Pavel Hrnčíř. Vroeger was hij de man van de ruwe grunts, maar nu heeft hij zich ontpopt tot een man met een warme, heldere stem. Gitarist Radek Hajda is het enige oerlid, aanwezig sinds het begin en belangrijkste componist. Het geluid van SSOGE wordt vooral beheerst door viool en cello. We horen erg fraaie melodielijnen, nu eens kunstzinnig ('Zlatohlav'), dan weer weemoedig. In 'Skryj Hlavu Do Dlani' zijn de invloeden van My Dying Bride nog hoorbaar, maar naar het einde toe in er opmerkelijke samenzang. Ook 'Dva Stíny Mám' (met enkele zeldzame grunts) en 'Pramen, Co Ví' zijn vrij stevige songs. Men nodigde een aantal gastmuzikanten uit voor folk instrumenten, let op het begin van 'Skryj Hlavu Do Dlani', dat verfijnde geluid is een dulcimer (snaarinstrument verwant aan citer). Verwacht dus geen simpele drinkliederen, want SSOGE wilt vooral het verlangen en de weemoed van de Moravische/Slavische folklore uitdragen met zijn muziek. Het enige nummer dat vrolijk dansbaar is en het als single niet slecht zal doen is 'Slava'. Ook het kalme en mooi gezongen 'Sudice' zal een breed publiek aanspreken. Aan de taal moet je in het begin wat wennen, maar dit is een groeiplaat die elke luisterbeurt nog meer geheimen prijsgeeft. De weg ligt nu open naar het buitenland!

<< vorige volgende >>