Listen live to Radio Arrow Classic Rock

Rose Tattoo & The Wild!

Alkmaar Podium Victorie 16 juni 2018

Uitlaatklep. Muziek is hét middel om even stoom af te blazen. En dan is hardrock/metal het ideale genre. Sowieso is onze muziekstijl natuurlijk ideaal. Maar als na een moeizaam en hectisch leven en een zeer kort ziekbed je schoonzus op haar 49ste het stoffelijke voor het eeuwige inruilt en je vriendin, het enig overgebleven familielid, het hele rouw- en uitvaarttraject van a tot z verzorgt, dan is na die weken van intens en zwaar afscheid een dosis rechttoe rechtaan vuist-in-de-lucht working class aussie pubpunkhardrock de ultieme realiteitsvlucht om weer even op adem te komen. Ze zijn niet mijn vriendin en schoonzus, maar die van een goede maat van mij. Toen hij me vroeg om naar Rose Tattoo te gaan, kon ik alleen al daarom alleen maar ja zeggen. Ondanks dat het zeker vijftien jaar geleden is dat ik voor het laatst naar de band heb geluisterd.

Door: Evil Dr. Smith

Fotograaf: Evil Dr. Smith

Rond kwart over acht is het al een gezellige entourage in de Victorie. Veel baard, bier, bikers en babes met bovengemiddelde boezems. Ook al draag ik geen baard, drink ik geen bier, ben ik geen lid van welke verboden motorclub dan ook, ik voel me meteen thuis. Ook te danken aan het Canadese voorprogramma The Wild! dat op dat moment al in volle glorie bezig is. En die volle glorie is niet overdreven, want onder leiding van de vol getatoeëerde Dylan Villain staan de vier denim & leather guys met rode nekken te spelen alsof ze de headliner zijn op ScumBash. Oersimpele, drie-akkoorden sleazerock, maar met een drive en een energie waardoor alle clichés van het genre met een grote grijns worden weggewuifd. Grappig ook dat een Dusty Hill-lookalike de bas speelt. Net koud binnen, of we moesten al met een nummer meeklappen, terwijl Dylan het publiek staat op te jutten met alle (on)denkbare rock&roll-kretologieën. Toch verzandt het optreden niet in een obligate dertien-in-een-dozijn partyrock, daarvoor speelt de band te goed en met te veel enthousiasme. Daarbij is de southern feel en soms wat bluesy ondertoon in hun sound erg smakelijk én heeft die Dylan gewoon een allejezusgoede strot. Ruig, maar verdomd zuiver. Ik verdenk hem ervan stiekem zanglessen te nemen bij zijn oudtante. Het publiek, wellicht wat onwennig dat een onbekende support-act al zoveel publieksparticipatie opeist terwijl godbetert eerst nog de bar gevonden moet worden, staat na enige reserves steeds geanimeerder te kijken. En Dylan weet het publiek ook aardig mee te krijgen, zeker voor opwarmbandjesbegrippen. Terecht, vooral bij het afsluitende ‘Party Til’ You’re Dead’: wat een kickass live song. Of hun live-energie op plaat/cd terug te luisteren valt, waag ik te betwijfelen, daarvoor is het wellicht wat te simplistisch en eenvormig, maar ik heb veel, héél veel beroerdere support-acts gezien. Energieke kennismaking en aangezien ScumBash dit jaar niet doorgaat, zou ik tegen Tante Rikie zeggen: “Kom meid, boek deze band nog ff voor Zwarte Cross. Geheid succes!”

band image


Dat we hier deels voor de rouwverwerking naartoe zijn afgereisd, is iets dat Angry Anderson niet vreemd is. De afgelopen jaren heeft Rose Tattoo een spoor van overlijdensberichten achtergelaten. Naast Angry is niemand van de originele line-up meer in leven en liggen ook nog twee andere bandleden onder de zoden. Dat hij zelf nog rechtop staat mag sowieso een klein wonder heten. Niet alleen omdat hij zijn bijnaam al van kleins af aan eer aandeed, of omdat hij op het podium bijna steevast met een fles sterke drank staat te zingen, maar ook omdat hij al zeventig jaar is. Ze-ven-tig ja! Damn, hij is twee maanden jonger dan mijn vader. Ik zie mijn ouwe al op het podium staan…
Angry heeft voor deze eerste Europese tournee in tien jaar een nieuwe line-up om zich heen verzameld, waarvan alleen slide gitarist Dai Pritchard er bij de vorige tour ook bij was. De tweede gitarist is Bob Spencer, die connaisseurs van Aussie 70s hardrock wellicht zullen kennen van The Angels en Skyhooks. De kale zestiger met grijswitte ringbaard wordt tijdens het optreden steevast door Angry omschreven als de jonkie van de band. Lollig. Al zou het nog waar kunnen zijn ook. Achter de drumkit zit ene John ‘Watto’ Watson, een mij onbekende trommelaar, maar die ook al veertig dienstjaren op zijn conto heeft, maar dan meer in de pop/rock-sector. Op voorhand was ik van plan om heel opzichtig de naam AC/DC niét te noemen, maar ja, als Angry bassist Mark Evans rekruteert voor deze tour, dan kan ik er natuurlijk niet omheen, aangezien Mark zich in de gloriejaren van 1975 tot 1977 posteerde tussen Angus Young en Bon Scott. Kortom: een karrenvracht aan ervaring staat er even na negen uur op het podium.

band image


Na deze ellenlange inleiding is het tijd voor de muziek. En de band gaat knallend van start met een van hun classics: ‘One Of The Boys’. Het geluid is prima, het bier vliegt meteen al in het rond, de buik van Dikke Dennis in het publiek schudt tevreden heen en weer, en het publiek, veelal gehuld in shirts van de band met het bekende logo van de twee slangen met twee rozen, zingt onmiddellijk hartstochtelijk mee. Twee Noorse fans die helemaal vooraan staan en naar eigen zeggen de band al een keer of dertig hebben gezien (en ook al een biertje of dertig hebben gezien nog voordat de band begon) staan zwaar beneveld mee te galmen. Ik heb de band nooit eerder live gezien en frons mijn wenkbrauwen als Angry het podium opwandelt. Huh? Waar is de rest van hem? Hij is zelfs nog een kop kleiner dan Udo Dirkschneider. 1 meter 56 lees ik naderhand op internet. Al snel vergeet je zijn bescheiden lengte, want met zijn innemende grijns, zijn wat statige performance (langzame gebaren, het hoeft (kan) allemaal niet meer zo snel) maar bovenal zijn nog prima klinkende, met blues en whiskey doordrenkte zangstem weet hij in no time het publiek voor zich te winnen. Daarbij geeft hij doorlopend een boks of schudt hij de hand met iemand uit het publiek. En als er dan iemand uit het publiek zich niet meteen gewonnen geeft, zoals een jonge vrouw vooraan die met een nogal chagrijnig gezicht de band bekijkt, dan spreekt Angry haar vriendelijk aan met de vraag of ze het wel naar haar zin heeft. “Oh yeah, sure!” zegt ze met een mengeling van verbazing en verontwaardiging, alsof ze het raar vindt dat Angry haar met zo’n vraag benadert. Nou meid, je gezicht in de plooi heeft dezelfde uitstraling als een Maarten van Rossem….

band image


De band vervolgt met ‘Juice On The Loose’ van hun derde album ‘Scarred For Life’ (1982) met heerlijk slidewerk van Dai om daarna de 21ste eeuw in te duiken met de wat eenvoudige midtempo stamper ‘Man About Town’. Midtempo is wel het key-woord deze avond. Natuurlijk, de mannen zijn op leeftijd, dus de band kán simpelweg niet meer als een tornado te keer gaan. Dat zou ook raar overkomen. Aging with style. Toch begint het publiek onstuimig mee te brullen als de uptempo hardworking hardroicking meebrulanthem ‘Assault & Battery’ door de speakers galmt ”There's a law for the rich and a law for the poor, I'm just a workin' man, I'm just a workin' man!” Zo hé, de sfeer zit er goed in! En die wordt alsmaar beter als daarna drie nummers achter elkaar van het toch wel legendarisch te noemen debuut, dat dit jaar zijn veertigste verjaardag viert, worden gespeeld. De band heeft zelfs zeven songs van het debuut in de setlist opgenomen. Daar zullen weinig fans rouwig om zijn geweest. Wel spijtig dat slechts twee nummers van de misschien nog wel betere opvolger ‘Assault & Battery’ worden gespeeld. Furieuze krakertjes als ‘All The Lessons’ en ‘Suicide City’ hadden zeker een pogootje losgeweekt. Maar geen gezeur en gemiep over de setlist, want band en publiek hebben het gruwelijk naar de zin en tijdens de slow bluesstomper ‘The Butcher and Fast Eddy’ staan de haren op mijn armen rechtovereind.

band image


Tijdens de show ontpopt Angry zich meer en meer als een woordvoerder voor liefde en vrijheid. Bijna elk nummer wordt ingeleid met een tekst die feitelijk in één zin is samen te vatten: “Freedom brothers and sisters, let’s build a temple of love!” Waar is in hemelsnaam de angry in hem gebleven? Er spat meer liefde en sympathie van zijn kop dan van welke vrouw die ik ooit via Tinder heb ontmoet. Hoogste tijd dat Angry Anderson zijn artiestennaam verandert in Happy Anderson. Halverwege de show wordt er wat meer aandacht gegeven aan het album ‘Blood Brothers’. “We’re gonna play some songs from our new album” kondigt Angry aan, om er met een grijns aan toe te voegen: “which is eleven years old.” Het optreden kakt een beetje in bij het nogal matige ‘Branded’ met het zeurend en eindeloos herhalende refrein, maar daarna herpakt de band zich. Onderwijl blijven de twee Noren zich vooraan bij het podium volgieten met bier. Niet alleen zichzelf, maar het bier vloeit op een gegeven moment ook op het podium. Nadat een van de twee eerst zijn shirt uittrekt om het biervocht van het podium te deppen, krijgt hij daarna via een roadie en Angry een handdoek om het wat beter aan te pakken. Angry houdt zijn publiek goed in de smiezen.

band image


Aan het eind van het optreden keert de band weer terug naar de eerste drie platen (hun verdienstelijke comebackplaat ‘Pain’ uit 2002 wordt volledig overgeslagen) en gaat het publiek écht uit zijn dak en ontstaat er een kring voor de nodige dronkemansdansende meebrulboeien. Tot veler verrassing blaast de band er ook een poepruige versie uit van ‘Astra Wally’. Mijn maat is inmiddels zijn schoonzus volledig vergeten en headbangt alle frustratie en verdriet uit zijn inmiddels gekortwiekte haren. Angry heeft zijn fles whiskey Stones helemaal soldaat gemaakt (ja, tijdens het optreden!) en als het tijd is voor de toegift komt hij het podium op met een verse fles Jack Daniels. Drank maakt meer rock dan je lief is. De toegift is natuurlijk de onvermijdelijke ‘Nice Boys (Don’t Play Rock & Roll’). Nou jongens, nog een keer met de koppies schudden en de schouders tegen elkaar beuken! Daarna gaat iedereen met een glunderende grijns en een meer dan tevreden gevoel huiswaarts. Het zou niet in mij opgekomen zijn om deze band te gaan bekijken, maar ik ben blij er geweest te zijn. Dit was een meer dan ideale rouwverwerking. Wat een geweldig sympathiek optreden. En voor hen die dit enige Nederlandse optreden van de Blood Brothers European Tour 2018 hebben gemist: zojuist is bekend geworden dat ze deze zomer Nederland nog een keertje aandoen. Nog een extra reden dus om naar 15 september naar Baroeg Open Air te gaan. See you there!

<< vorige volgende >>