Listen live to Radio Arrow Classic Rock

Into The Void 2016

Leeuwarden Neushoorn 22 oktober 2016

Het als stonerrock festival gepositioneerde “Into The Void” festival beleefde alweer zijn vierde editie en dit jaar stond een dusdanig groot aantal bands op het affiche dat er voor gekozen werd om twee dagen uit te trekken om alles aan bod te laten komen. Door deze schaalvergroting wordt “Into The Void” ook steeds meer een klein noordelijk zusje van het gerenommeerde Roadburn festival. En zoals de grote broer is het bij “Into The Void” ook al lang niet meer uitsluitend de klassieke desertrock die op het programma staat – al was er dit jaar met Fu Manchu en Karma To Burn wel een grote vertegenwoordiging van “oer-stoner” aanwezig. Nee, ook “Into The Void” waaiert uit in allerlei richtingen waarbij met name doom een hoofdrol speelde. En opvallend was dit jaar ook de toenemende internationalisering van het festival. Naast het Fries en Nederlands was er dit jaar ook meer Duits, Frans en Vlaams te horen. “Into The Void” staat duidelijk stevig op de kaart.

Door: Jan-Simon

Nadat vrijdag onder andere Fu Manchu en The Machine Leeuwarden hadden vermaakt was het zaterdag tijd voor 12 uur non-stop metal in allerlei verschijningsvormen. Verdeeld over vier podia, strak op elkaar aansluitend, konden de bezoekers vanaf twee uur ’s middags los gaan op een achttiental bands, te beginnen met Famyne, een doommetal band uit Canterbury, Engeland die zich voor het eerst buiten ’s lands grenzen waagden. Het publiek druppelde nog binnen en Famyne was een opwarmertje. De duidelijk op Black Sabbath, Pentagram en Saint Vitus gebaseerde doom was degelijk met helaas één zwak punt: de nogal magere zang.

Als opener op het hoofdpodium stond nog een doomband gepland, maar Alunah had vanwege familie-omstandigheden moeten afzeggen, waarna de Belgen van Bark de vrijgekomen plek met verve invulden. Met een energieke set vol Biohazard-achtige hardcore met flink wat punkinvloeden blies Bark het stof uit de boxen. Het publiek was nog aan het indrinken en reageerde (onterecht) nog wat lauwtjes. Het was nog vroeg zullen we maar zeggen. Na Bark meteen weer terug naar de kleine zaal waar Barks landgenoten Tangled Horns al stonden opgesteld voor wat achteraf gezien een van de hoogtepunten van “Into The Void”-4 zou blijken te zijn. Aangevoerd door een buitengewoon beweeglijke zanger stuiterde de band over het podium met een mix van alternatieve rock en metal waarbij zelfs een cover van de Beatles niet geschuwd werd. Metalpuristen hebben waarschijnlijk gegruwd van Tangled Horns, maar de vermaakswaarde was meer dan in orde.

Met Witchsorrow staat de volgende Zuid-Engelse doomband op het podium. Dit trio is zo’n typische Rise Above band waarvan er meer dan twaalf in een dozijn gaan. Zo traditioneel als de mouwloze spijkerjekkies met bandbatches waarin ze gestoken waren was ook de muziek. De mix van Electric Wizard en Black Sabbath is vrij generiek en kan ons niet erg boeien. Tijd voor een versnapering en de volgende band. Komatsu, uit Eindhoven-Rock city afkomstig, staat strak als een pianosnaar op het podium en speelt dienovereenkomstig zijn vaag aan stadsgenoten Peter Pan Speedrock herinnerende grotemensen-sludgerock. De band loopt en speelt op zijn tandvlees, wat ongetwijfeld te maken had met het moordende toerschema: vrijdag Luzern, zaterdag Leeuwarden, zondag Feldkirch (Oostenrijk). 2000 kilometer in drie dagen. Grimmig bulldozert Komatsu, zijn industriële naamgenoot indachtig, door het twaalfde optreden in evenveel dagen. Het optreden van Komatsu staat, ondanks alle vermoeienissen, als een huis. Respect! Na al het van-dik-hout-zaagt-men-planken werk is het tijd voor een andere aanpak en daarvoor is het Duitse Long Distance Calling ingehuurd. LDC speelde dit keer zonder zanger Petter Carlsen en concentreerde zich logischerwijs op het instrumentale werk. Gelukkig kun je dit wel overlaten aan deze Duitsers en de lang uitgesponnen postmetal-meets-progrock nummers werden vakkundig uitgevoerd al was het wel wat veel van hetzelfde. Na een half uur verslapte onze aandacht en hielden we het voor gezien.

Lonely Kamel is intussen een gerespecteerde band, met een aardige discografie van platen vol retro hardrock en afgaand op de reputatie rees al snel de vraag waarom de band zo vroeg in het programma op het kleine podium speelde. Misschien moesten de mannen nog dezelfde dag weer terug naar Oslo, een andere reden kan ik zo snel niet bedenken. Muzikaal op sleeptouw genomen door Raspoetin lookalike Espen Nesset die als een bezetene de ene na de andere drumroll uit zijn kit ranselde speelde Lonely Kamel zijn bluesy hardrock, waarbij naast Nesset leadgitarist Lukas Paulsen een hoofdrol voor zich opeiste. Meer Scandinavië in de vorm van Monolord. Dit Zweedse drietal zorgde op het hoofdpodium voor een van de oorverdovendste optredens van dit festival. Doom, psychedelisch maar vooral keihard. Oordoppen bleken nutteloos. De subtiliteiten van de platen waren niet te horen maar werden amper gemist. Dit was puur en ongebreideld natuurgeweld; hiervoor was een groot deel van het aanwezige publiek gekomen. De tsunami-achtige geluidstorm werd dankbaar ondergaan tijdens deze degelijke show. Na het overweldigende optreden van Monolord was het de bedoeling om de trommelvliezen even wat rust te gunnen bij ZooN, het alternatieve project van Astrosoniq gitarist Ron van Herpen met onder andere (ex-) leden van The Liszt en Gathering in de gelederen en met zang van mede Astrosoniq-er Fred van Bergen. Het was even zoeken naar De Puust, een klein zaaltje ergens verstopt in de krochten van De Neushoorn. Het werd een vreemde ervaring, waarbij het niet helemaal duidelijk werd in hoeverre ZooN nu serieus genomen moet worden of één grote grap is. De performance van Van Bergen, gehuld in slecht zittend en te klein kostuum met foute zonnebril en zingend alsof hij net was overgevlogen uit Las Vegas, deed het laatste vermoeden. De relaxte op country en jazz gebaseerde muziek, compleet met brushes op de snare drum en zittende gitaristen kon hier weinig aan veranderen.

Dit bevreemdende tafereel achter ons latend was het tijd voor iets compleet anders: The Moth Gatherer. Dit had hét optreden van het festival kunnen zijn, ware het niet dat er teveel onderbrekingen waren in de vorm van Macbook Pro gefröbel en niet altijd even samenhangend gebabbel van de nogal timide overkomende bassist. Als we die momenten even wegdenken dan blijft een intense post-metal show in de beste Isis-traditie over, waarbij de wisseling tussen ingetogen passages en compromisloos beuken goed uit de verf kwam. Na The Moth Gatherer was het tijd voor wat voor velen op voorhand het hoogtepunt van het festival was: Karma To Burn. Aangevoerd door de flegmatieke en tijdens dit optreden niet altijd even duidelijk uit zijn woorden komende William Mecum doet K2B precies dat waarin de band zo goed is: de typerende stoner instrumentals eruit knallen. Het is moeilijk om aan te geven wat Karma To Burn nu zo speciaal maakt. Is het de stuwende bas of het onvermoeibare woestemansdrumwerk of toch de van feedback en vervorming bol staande gitaarriffs van Mecum? In ieder geval wist K2B de Neushoorn in beweging te krijgen met nummers die zoals bekend alleen een nummer hebben. “34”, “39”, “1” en nog veel songs die geen naam mogen hebben zorgden voor het onbetwiste hoogtepunt van deze editie van “Into The Void”.

Monomyth was op voorhand voor mij niet te missen. Helaas gedeeltelijk overlappend geprogrammeerd met Karma To Burn, was de band in de kleine zaal al volop in hogere sferen toen wij ons de zaal in werkten. Verborgen in een dichte mist werd de spacerock die live meer progressieve rock bleek te zijn gespeeld. Met veel nadruk op synthesizerklanken werd het uiterste gevraagd van de luisteraars. Duidelijk teveel voor een groot deel van het publiek, wat in een gestage stroom in de richting van de uitgang bewoog. De krautrock van Monomyth compleet met de typerende walvis- en sonargeluiden die synoniem zijn met spacerock had misschien een ander publiek verdiend. Feit is dat ook ik, enigszins teleurgesteld na een half uur de zaal verliet. In het kleine café van De Neushoorn was ook nog een minipodiumpje opgesteld en daar had Limb zich opgesteld. Voor een klein publiek beukte de Britten zich door hun heavy sludge materiaal heen waarbij af en toe wat met een toongenerator werd gespeeld voor wat extra bliep en tuut geluidjes. Het is jammer dat Limb geen groter podium gegund was. Conan, de laatste in een hele reeks Britse doom metal bands, had de eer het hoofdpodium af te sluiten en dit Liverpoolse trio deed dit met zijn karakteristieke, degelijke doom. Laaggestemde gitaren contrasteert met de niet bij het genre gebruikelijke hoge, gillende zang. Conan heeft veel fans in de zaal, al wordt mij op basis van het gebodene niet helemaal duidelijk waarom. Conan is vooral degelijk, maar niet echt origineel of gedenkwaardig. Maar toch, als afsluiter van weer een geslaagd festival doen ze het goed.

De tweede dag van “Into The Void” werd vooraf geplaagd door nogal wat afzeggingen. De vervangingen waren degelijk al blijft het gevoel dat deze editie toch wat minder was dan die van vorig jaar. Toch is de eindconclusie dat “Into The Void” een blijvertje is. Editie 5 is gepland voor 20 en 21 oktober 2017. De data zijn al omcirkeld in de nieuwe agenda.

<< vorige volgende >>