Listen live to Radio Arrow Classic Rock

FORTAROCK 2015

Goffert Park Nijmegen 6 juni 2015

De aanloop naar Fortarock leek dit jaar niet al te best. Waar in 2013 en 2014 nog stevig werd uitgepakt met klinkende headliners als Rammstein en Iron Maiden bleef het wat dat betreft een lange tijd angstvallig stil in het Nijmeegse kamp. Uiteraard is de competitie tussen de Europese festivals onderling ieder jaar weer enorm, en het gaat nog veel erger worden ben ik bang, maar dat Fortarock, bij gebrek aan - volgens vele azijnpissers - een echt geweldige line-up zelfs over zou gaan op een prijsverlaging op kaartjes, nee, die had niemand zien aankomen. Maar was die line-up nou zo matig als door een hoop mensen om het hardst werd geroepen? Nee, Slipknot is zeker geen band die op eigen kracht een veld vol kan krijgen, maar als kroon op een dag waarop gewoon goede en interessante metalbands van allerlei stijlen hun ding kwamen doen was het een prima afsluiter. En daar dachten wel meer mensen zo over, want met een kleine 15.000 betalende bezoekers werd Fortarock 2015 in weerwil van alle negatieve berichtgeving vooraf (waar ik persoonlijk heel erg moe van werd) een meer dan geslaagd feestje. Namens LoM waren Sjak, Winston, Remco en Ramon aanwezig om het één en ander met een kritische blik te bekijken, en de eenduidige conclusie mag geen verrassing zijn: kom maar door met die datum voor Fortarock 2016!

Door: Horst

Ruim twaalf jaar geleden ben ik door onze opperLord Horst gerecruteerd als A.O.R./melodieuze rock redacteur en op de een of andere manier schijnt hij dat nog steeds niet helemaal door te hebben. Of zou hij me willen straffen voor het regelmatig niet tijdig inleveren van mijn schrijfseltjes, waardoor hij zelf in tijdnood komt? Zoiets moet het wel zijn, anders kan ik niet verklaren waarom hij juist mij heeft geselecteerd om verslag te doen van de Nederlandse black metal band Carach Angren. Hij kon natuurlijk niet weten dat ik stiekem best wel een liefhebber ben van het extremere genre en dat ik zeer regelmatig de nodige death en black metal plaatjes hun rondje laat maken in mijn CD-speler. Zo ben ik ook de trotse bezitter van een tweetal albums van onze Limburgse vrienden en die bevallen me prima. Het is en blijft vreemd om een black metal band, voorzien van corpsepaint, in de stralende zon te zien optreden, maar dat doet niets af aan het feit dat Carach Angren muzikaal gezien een interessante band is, die een lekker optreden neerzet. De theatrale black metal, die doorspekt is met de nodige symfonische invloeden, doet het prima bij mij en zanger Seregor (die zijn gitaar thuis heeft gelaten om zich volledig te kunnen concentreren op zijn vocalen) ontpopt zich als een goed entertainer die ook vocaal, op een paar schoonheidsfoutjes na dan, weet te overtuigen. Keyboardspeler Ardek bepaalt voor een groot gedeelte het bandgeluid met zijn imposante orkestrale stukken en dat valt bij een heleboel mensen in de smaak, getuige de erg goede opkomst bij de Carach Angren show. Hoogtepunt in de set is voor mij het heerlijke nummer ‘When Crows Tick On Windows’, maar eigenlijk laat Seregor met zijn mannen gedurende de gehele set een goede indruk achter. (Sjak)



Leprous mocht op het tweede podium (aan de linkerzijde van het veld) de kop eraf schieten. Het Noorse vijftal trad aan in dezelfde zwarte kleding en het zag eruit alsof de mannen ook allemaal naar dezelfde kapper gingen. Geeft verder niks, het gaat om de muziek en live performance. En die was meer dan dik in orde. Eerste opvallende element was zanger/toetsenist Einar Solberg die zeer sterk zijn vocale plicht deed. Daarbij weefde hij een lekkere en originele dosis elektronica door de Muse meets Tool meets Dream Theater prog metal heen. Drummer Baard Kolstad is de nieuweling in de band maar dat merkte je totaal niet. Zeer gefocused en gedreven dirigeerde hij de complexe muziek en de overige muzikanten waren al net zo fanatiek, ondanks het vroege uur van de dag. Het blakende zonnetje en een redelijk goed gevuld veld liet Leprous haar kans pakken en ik hoorde verschillende keren op de dag dat deze band toch echt een van de verrassingen van de dag was. Ik sluit me daar van harte bij aan. (Winston)



Het door de kapitein Vonberg bedachte recensieschema liet mij na Leprous meteen doorgaan naar het hoofdpodium alwaar een tweede Scandinavische band aantrad. Enforcer uit Zweden mocht daar als eerste aantreden en ik was aangenaam verrast over de publieke belangstelling. Dat viel niet tegen. De old-school heavy metal van Enforcer zal de wereld niet veranderen en sommige titels en teksten lieten me zelfs glimlachen. Het is dan ook best wel opmerkelijk als je ziet dat een band niet alleen klinkt alsof ze uit 1986 komen, ze zien er net zo uit ook! Compleet met ingestudeerde gitaarposes. Zanger Olof Wikstrand heeft een hoge en geknepen stem en daar moet je even aan wennen. Hij had niet helemaal zijn dag want bij een rustiger nummer ging hij wel heel ver uit de bocht. Wel leuk om de jonge honden spirit op een groot podium te zien. Ik ben bang dat dit niet zo heel vaak meer zal voorkomen, want dit is echt een band voor de kleinere zalen des lands. (Winston)



En ja hoor, meteen door, weer terug naar het tweede podium. Omdat we zoveel mogelijk bands willen recenseren is het een normaal feit dat je dan ook een band toebedeeld krijgt die buiten je comfort zone ligt. Ik kan van mezelf zeggen dat ik redelijk allround ben maar toen ik Converge op mijn lijstje zag krabde ik mezelf toch wel even achter het oor. De naam kende ik wel, de muziek niet dus ging ik er blanco op af. Metalcore, punk, mathcore zijn zo’n beetje de termen die ik hoorde en las en ik kan het daar wel mee eens zijn. Geen alledaags hardcore bandje nee. Wat ik bij bands uit deze hoek kan waarderen is de energie die ze zelf geven maar ook bij het publiek weten te creëren. En dat deed Converge dus ook met zanger/shouter Jacob Bannon, eentje van het type ADHD. Die heeft op het Nijmeegse Fortarock podium heel wat meters gemaakt. Er vormde zich in het publiek een bescheiden en beschaafde moshpit en er was zelfs één crowdsurfer. Die kreeg het respect van Bannon met de woorden “it’s lonely at sea my brother”. Ondanks die comfort zone vond ik het best leuk om Converge gezien te hebben. Of ik dat ooit nog eens zal doen? Geen idee, ik sluit het niet uit. (Winston)



Het Britse Sylosis behoort tot die generatie jonge bands die momenteel veel lof oogsten, met name onder muzikanten. Hoewel ik stilistisch gezien niet zo heel veel aansluiting heb bij hetgeen ze doen, kan ik niet ontkennen dat ze zeer solide albums afleveren, met als meest recente wapenfeit ‘Dormant Heart’, waar ze redelijk wat materiaal van spelen, gecombineerd met iets ouder werk. Ik ken ze echter weer niet zo goed om je ook de titels te geven. Mainman Josh Middleton is de onbetwiste bandleider en hij steekt er veel energie in om zoveel mogelijk mensen te bereiken. Zo vroeg op de dag is dat echter bijna onbegonnen werk, hoewel er toch een clubje enthousiaste fans is om het optreden de moeite waard te laten zijn. Ik denk dat ze wel met een tevreden gevoel terug kijken op het optreden. Mijn samenvattende mening was dat het een behoorlijk goed optreden was, maar het deed mij niet zo heel veel. (Ramon)



Om 14:00 mag Godsmack het hoofdpodium betreden. Ik kan me niet herinneren wanneer Godsmack voor het laatst optrad in Nederland, dus ik had er zin in. Godsmack speelt enorm strak en het grooved allemaal als een bezetene en al is het zo vroeg op de dag ze krijgen het publiek toch al lekker mee. De zang is subliem en is echt een combinatie tussen James Hetfield en Michael Poulsen van Volbeat. Op het podium stonden tevens twee drumkits, dus halverwege de show kroop zanger Sully achter kit om samen met de andere drummer een zeer uitgebreide drumsessie te houden. Hierin spelen ze voor de grap nummers als ‘Back In Black’, ‘We Will Rock You’, ‘Walk This Way’ en ‘Creeping Death’. Super, maar dit duurde wel iets te lang naar mijn idee. Natuurlijk speelde ze ook de toppers zoals ‘1000HP’, ‘Cryin’ Like a Bitch!!’ en de afsluiter ‘I Stand Alone’. Echter bij het nummer ‘Whatever’ vraagt (en krijgt) Sully een daadwerkelijk enorme circle mosh pit! Check deze film dan ook zeker eens, want dit zag er heftig uit. Een van de hoogtepunten van de dag. (Remco)



De band waar vooraf het meest om te doen was, was zonder meer de Amerikaanse tech death metal band Dying Fetus. Een gynaecoloog uit het plaatselijke Radboud ziekenhuis naam aanstoot aan de naam en zo maakte hij onbedoeld weer wat reclame voor het festival. There is no such thing as bad publicity. Het valt iedereen op hoe technisch begaafd Dying Fetus is, maar dan met name door de visuele beleving. Het geluid is van nature al heel erg laag en met het tempo waarop ze spelen is het bijkans onmogelijk om gewaar te worden wat ze aan het spelen zijn. Het dondert niet, ze oogsten veel bewondering, ook al zijn er weer de nodige mensen (lees meisjes) die denken dat het echt heel geestig en origineel is om cheesy te gaan dansen op het beukende geweld van de band. Nummers als ‘One Shot To Kill’ en ‘From Womb to Waste’ dringen ook bij mij heel langzaam door, en dan moet ik mijn eerste biertje nog pakken. Maar desondanks heeft de band een optreden neer weten te zetten waar het publiek unaniem tevreden over lijkt. Op het geluid na dan. Tegelijkertijd is Flotsam & Jetsam aan het spelen en ik zie dat ik bepaald niet de enige ben die steeds heen en weer loopt. De rechterkant van het publiek is ondoordringbaar, de rechterkant stelt je in staat tot aan het podium op te lopen. Ik weet zeker dat er mensen in het publiek staan die het brute trio nog niet kenden die ze zijn gaan checken, eenmaal thuis. (Ramon)



De volgende opdracht die onze hoofdredacteur voor me in petto heeft, is verslag te doen van het optreden van de Amerikaanse thrashers Flotsam And Jetsam en dat is echt spekkie voor mijn bekkie, want deze band behoort tot mijn absolute favorieten en hun eerste twee platen zijn ware klassiekers in het genre. De band is vandaag in topvorm en levert voor mij persoonlijk verreweg het beste optreden van de dag af. Vanaf de eerste tonen van opener ‘No Place For Disgrace’ heb ik kippenvel tot in mijn tenen en dat zal pas ophouden nadat de band met de kraker ‘I Live, You Die’ afscheid genomen heeft van het enthousiaste publiek. De band heeft heel goed door wat hun beste periode is, want het overgrote gedeelte van de gespeelde nummer zijn afkomstig van het debuut ‘Doomsday For The Deceiver’ en opvolger ‘No Place For Disgrace’ (die in 2014 in een vernieuwde versie nogmaals op de markt is gebracht) en met name ‘Dreams Of Death’ en ‘Hammerhead’ maken indruk. Zanger Erik “A.K.” Knutson is erg goed bij stem en het lijkt wel of de jaren geen vat hebben op de power en de emotie in zijn stemgeluid. De huidige ritme-sectie Michael Spencer (bas) en Jason Bittner (drums) is zo solide als een huis, terwijl beide gitaristen Michael Gilbert en Steve Conley de imposante riffs en heerlijke solos ogenschijnlijk moeiteloos uit hun instrumenten schudden. Met ‘Gitty Up’ laat men ook even hun laatste studio-plaat ‘Ugly Noise’ de revue passeren en het dient te worden gezegd dat de band dit naadloos integreert in de klassieke songs uit de tachtiger jaren. Jammer dat deze band nooit de erkenning heeft gekregen die men op basis van het song materiaal en de live-shows zeker verdient. Zoals gezegd met afstand het beste optreden van de dag! (Sjak)



Papa Roach is de band die ik altijd, ik herhaal ALTIJD, verwar met Good Charlotte, omdat beide bands me onvoldoende zeggen. Ze stonden aanvankelijk lijnrecht tegenover Venom geprogrammeerd, waardoor er niemand op de Lords of Metal redactie te vinden was die iets over Papa Roach wilde zeggen, want we wilden allemaal Venom kijken. De organisatie vond dat kennelijk ook wat raar en programmeerde ze alsnog naar een tijdstip waarop ze als enigen stonden te spelen, de oorspronkelijke plek van Parkway Drive. Op de achtergrond hoor ik nog net zelfmoordliedje ‘Last Resort’ en denk “oh ja, die lui dus”. Van schoenenfabrikant Floris van Bommel begreep ik echter dat het wel een goed optreden geweest moet zijn, vooral als de band iets met nostalgie in je weet te raken. Ik probeerde hem nog zo gek te krijgen dan de recensie voor het optreden te schrijven, maar daar was meneer niet voor te porren. Geef hem eens ongelijk! (Ramon)



Iets over half vijf is het de beurt aan de de Amerikaanse stoner band Red Fang. De gear die ze hebben is authentiek, het geluid is fuzzy en de muziek is heavy en catchy. De band heeft er duidelijk ook zin in stralen ze duidelijk uit en door de twee zangers is er steeds een goede afwisseling. Red Fang maakt muziek wat behoorlijk in dezelfde lijn ligt van Mastodon alleen is Mastodon ze nog wel duidelijk de baas. Ze spelen 55 minuten, maar dit vind ik ook wel genoeg. Hits als ‘Prehistoric Dog’ en ‘Blood Like Cream’ komen voorbij dus de fans kunnen zeker terugkijken op een goed optreden. (Remco)



De eerste vraag die je stelt bij een optreden met Exodus, moet met “NEE” worden beantwoord. Gary Holt was er niet bij, die had verplichtingen met een ander bandje, niemand weet natuurlijk welke band dat is. Kragen Lum vervangt hem. Als teaser wordt een stukje ‘Raining Blood’ gespeeld. Lords of Metal chef Horst en ik staan eigenlijk het hele optreden vol te lullen met elkaar over feitjes, waaronder dat de drummer (Tom Hunting) de constante factor is (die dan ook prompt het woord neemt) en dat we wel héél erg blij zijn dat Steve “Zetro” Souza er weer bij zit. Hij is beter dan ooit en hij haalt dat hardcore element er tenminste weer uit. De ritmes, de midtempo secties en de blauwdruk thrash rifs, ze zorgen er allemaal voor dat het een hoogtepunt van de dag wordt. Het wat mindere geluid mag voor de trouwe fans de pret niet drukken en ik heb zelf ook besloten er geen punt van te maken, het enthousiasme spat van het podium af. Het laatste album wordt flink geplugd, maar uiteraard mogen de klassiekers niet ontbreken, wat ze dan ook niet doen. ‘Bonded By Blood’ en ‘Toxic Waltz’ komen in de toegift uitstekend uit de verf. (Ramon)



Op het hoofdpodium mag één van de publiektrekkers Lamb Of God een uur de dienst gaan uitmaken. Lamb Of God is de tegenwoordige Pantera en ongelooflijk wat spelen deze gasten strak. Het sublieme drumwerk van Chris Adler, de technische en dikke riffs van de gitaristen Will Adler en Mark Morton samen met de strot van Randy Blythe maakt het optreden indrukwekkend. Doordat er een stevige wind staat verwaaid het geluid wel behoorlijk. Jammer, maar dat heb je natuurlijk wel eens met buitenlucht festivals. Op 24 juli komt het nieuwe album uit en daar wordt al een track van gespeeld. Natuurlijk en gelukkig komen de knallers langs zoals ‘Walk With Me In Hell’ en ‘Redneck’ waar ook weer een serieuze circle pit bij ontstaat, maar dat nummer vraagt er ook wel om. (Remco)


:
De Amerikaanse hardcore formatie Hatebreed zorgt middels een grote mosh-pit voor een waar slagveld recht voor het podium en frontman en zanger Jamey Jasta ziet het allemaal glimlachtend aan en stookt het vuurtje nog een beetje op waar mogelijk. Hij is redelijk bij stem en dat zorgt er voor dat het optreden redelijk genietbaar is, al slaat bij mij niet echt de vlam in de pan zoals bij velen die actief deelnemen in de pit. Sterker nog, de greatest hits setlist die de band vandaag op de festivalgangers afvuurt lijkt op de automatische piloot gespeeld te worden en ik mis de intense beleving van de diverse bandleden. Dat neemt niet weg dat songs zoals ‘As Diehard As They Come’, ‘Live For This’, ‘Everybody Bleeds Now’ en ‘I Will Be Heard’ zelfs op de automatische piloot nog beter klinken dan het song materiaal van menig andere band, maar Hatebreed in goede doen is tot veel meer in staat. De diehard fans zal het echter een zorg zijn, die genieten met volle teugen van deze thrash-core machine. Afsluiter ‘Destroy Everything’ komt in de beleving van vele bezoekers dan ook veel te vroeg en doet me vermoeden dat ik de enige ben die het allemaal niet zo bijzonder vindt. (Sjak)



Mijn laatste band van de dag die voor mij de geschiedenis zal ingaan als één van de gaafste Fortarock dagen ooit was Clutch. Best wel een opmerkelijke naam op de bill want deze band is wat moeilijk te ‘vangen’ qua stijl. Het alwetende Wikipedia weet het ook niet echt; hard rock, funk metal, alternative metal, blues rock, stoner rock, psychedelic rock,hardcore punk. Tsja, dan kun je het beste maar gewoon zelf ervaren wat het is, of niet dan? Met Neil Fallon als zanger, iemand die je eerder als drummer of bassist zou inschatten qua uiterlijk, is er een duidelijke blikvanger in de band. Zijn performance was energiek en gedreven en hij zingt heel direct en duidelijk zijn teksten. Prekend bijna. Hij dwingt je bijna te blijven luisteren en kijken, altijd apart als een frontman dat kan. De drie andere bandleden op drums, bas en gitaar hadden vooral oog voor hun eigen instrument en straalden verder weinig enthousiasme uit. Fallon ving dat dus wel aardig op in zijn eentje.



Samen met Delain en Within Temptation behoort Epica tot de top van de nationale en internationale female fronted scene, wat een dag voor dit festival geresulteerd heeft in de toekenning van de BUMA Rocks! Export Award, en die positie maken ze elk optreden weer moeiteloos waar. Toch kent de band een wat stroeve start tijdens opener ‘The Second Stone’, want het geluid is echt niet geweldig te noemen. Zo is zangeres Simone Simons tijdens het eerste gedeelte van het nummer nauwelijks te horen en heeft het totaalgeluid van de band enorm te lijden onder de aanwezige wind die er voor zorgt dat het bombastische materiaal van Epica niet optimaal uit de verf komt. Gelukkig wordt een en ander gedurende het optreden wat beter en worden met name ‘The Essence Of Silence’, ‘Unchain Utopia’ en de oudere tracks ‘Sensorium’ en ‘Cry For The Moon’ erg fraai neergezet. Mark Jansen doet een poging om tijdens laatstgenoemd nummer een moshpit van Slipknot-formaat te doen ontstaan maar deze poging strandt in schoonheid. Dat neemt echter niet weg dat Epica over de gehele linie gezien een zeer degelijk optreden verzorgd, al heb ik ze al wel eens in betere doen gezien. De symfonische metal van dit sympathieke gezelschap is echter wat minder geschikt voor een winderige festivallocatie en eenieder die de ware Epica wil zien, moet dan ook zeker in november naar het door hunzelf georganiseerde Epic Metal Fest gaan! Ondanks het wat mindere geluid kan de band rekenen om een zeer positieve respons van het in grote getale opgekomen publiek en kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat afsluiter ‘Consign To Oblivion’ in de ogen van de meesten, en ook voor mij, wel wat langer uit had mogen blijven. (Sjak)



Bij Venom kun je niet vroeg genoeg zijn, want daar wil je eigenlijk gewoon niets van missen. Daar denken trouwens alle aanwezige LoM redactieleden net zo over, dus Parkway Drive hebben we voor het gemak maar gelaten voor wat het is. Zal wel een generatiekloofje zijn. Ik zie nog net in het voorbijgaan hoe houterig Epica zangeres Simone Simons er eigenlijk bij staat als ze aan het headbangen is, maar de meeste mannelijke bezoekers zitten daar niet zo mee. Het gechoreografeerde aspect van hun show staat in schril contrast met de rauwheid van mijn persoonlijke hoogtepunt van Fortarock, eigenlijk de enige reden dat ik er koste wat kost heen wilde, Venom! Over Venom kun je zeggen wat je wilt en dat is waarschijnlijk nog allemaal terecht ook. Maar dat moet je niet doen, verwacht van mij dan ook geen kritische analyse, ik geniet me helemaal een slag in de rondte van de presentatie van Cronos cum suis. Als je alle zangstijlen in metal tot de kern terug moet brengen, kom je wat mij betreft bij hem uit. Het feit dat ze in het licht spelen als hoofdact van het secundaire podium is slechts een kleine smet op het optreden. Onlangs werd niet door the creature maar aan the creature een declaration of war overhandigd, in de vorm van Venom Inc. Voor diegenen die hopen op een reünie van de klassieke bezetting, laat het varen. Mantas heeft maar een handjevol vrienden en één daarvan is de zanger van die band. En Abaddon, het is leuk dat hij bij de klassieke bezetting hoorde, maar feitelijk was hij wel de storende factor in de ontwikkeling van de band. Gitarist Rage doet het misschien iets te bescheiden, maar staat zijn mannetje op het podium zonder meer. Drummer Danté, dat is eigenlijk hetzelfde als Mikkey Dee bij Motörhead. Hij is veel beter, maar het publiek moet er even aan wennen. Maar getuige de reacties van het publiek, is deze line-up geland om te overwinnen. Een veel grotere smet is de miscommunicatie tussen Cronos en de pyro man. Tijdens de ‘Bloodlust’-Black Flame Of Satan’-‘Bloodlust’ medley staat hij op een plek waar ook een vlammenwerper staat en hij wordt geraakt. Hij duikt tijdig weg om een Hetfield te voorkomen, hoewel er op de beelden van de collegae van Livereviewer toch te zien is dat zijn haar wel degelijk te grazen is genomen. De verwachtte klassiekers als ‘Welcome To Hell’, ‘Black Metal’, ‘Countess Bathory’, ‘Burried Alive’ en de verrassende klassieker ‘Warhead’ worden afgewisseld met modernere tracks als ‘Rise’, ‘Hammerhead’ en ‘Long-Hairedpunks’, die ik tot mijn eigen verbazing sta mee te schreeuwen. Het hele optreden van Venom was toch al niet zo goed voor mijn strot. Cronos roept de boekers op ze snel terug te halen. En gelijk heeft ie. (Ramon)



Om 21:30 is het tijd voor de afsluiter van het festival. Voor Slipknot wordt het hele podium opnieuw opgebouwd, maar de setting ziet er behoorlijk cool uit. Een groot lichtgevend demon head, etages, trappen en vlammende muren en uiteraard staan aan beide zijkanten de ronddraaiende drums van de clowns die ook de hoogte in kunnen. Het geluid is best goed, de band speelt strakker dan strak, maar dan nog strakker en ook Corey zijn zang klinkt perfect en zuiver. Slipknot is een perfecte headliner en de show is ook prachtig om naar te kijken. Uiteraard komen de nummers langs als het nieuwe ‘The Devil In I’ en de klassiekers zoals ‘Spit it Out’ (inclusief de sitdown). Weliswaar missen we hier en daar een kraker, maar dat maakt niets uit. Na iets minder dan anderhalf uur is het klaar mag iedereen het veld gaan verlaten, terugkijkend op een bijzonder geslaagde dag. (Remco)

<< vorige volgende >>