Listen live to Radio Arrow Classic Rock

Stilstand?

Door: Richard V. op 3 april 2008

Stel, je bent een tiener in de jaren tachtig die van hardrock & metal houdt en regelmatig festivals en concerten bezoekt. Door een onfortuinlijk ongeluk raak je echter in 1988 in coma. Twintig later, in januari 2008 ontwaak je uit je coma. Er zijn twintig jaren verstreken zeggen de artsen en je familie. Je probeert je leven weer op te pakken en blijkt warempel nog steeds dezelfde muzieksmaak te hebben. In de krant stuit je toevallig op de eerste namen die Mojo bekend maakt voor de zomerfestivals.

Arrow: Kiss, Whitesnake, Def Leppard, Journey, Twisted Sister
Waldrock: Slayer, Morbid Angel, Forbidden, Death Angel

Geloof jij nog dat er twintig jaar zijn verstreken?

Als je niet beter zou weten zou je denken dat het hardrock & metal genre inderdaad twintig jaar lang heeft stilgestaan. Zoals alle liefhebbers weten is dat niet waar. Integendeel, het harde genre heeft een onvoorstelbare groei in tal van subgenres gekend waarbij de muzikale grenzen meer dan eens zijn verlegd. De bekende bands van de jaren tachtig zijn in compositorisch vernuft, instrumentbeheersing en intensiteit ruimschoots voorbijgestreefd. Elke maand kan de liefhebber kiezen uit een breed aanbod dat dankzij internet redelijk makkelijk is uit te pluizen. Het aantal concerten is jaarlijks op geen honderd handen te tellen.

Waarom dan toch al die bands van weleer bovenaan de festivalaffiches? Jaren tachtig iconen Metallica headlinen warempel op Pinkpop, Iron Maiden heeft zijn eigen festival in Assen en de oude knarren van Judas Priest zijn top of the bill op Fields of Rock. In voorbije jaren waren het steeds de oudjes die festivals afsluiten: Deep Purple, Metallica, Black Sabbath, Ozzy Osbourne, Guns N' Roses, Aerosmith en Scorpions zijn slechts enkele van de bekende namen. Alleen AC/DC lijkt van de aardbodem verdwenen (maar die schijnen weer in de studio gesignaleerd te zijn). Over de grens is het niet anders. Zelfs in de Verenigde Staten halen rockers op leeftijd (Rush, Van Halen) de laatste jaren de vetste recettes binnen. De klok wordt steeds verder teruggedraaid; in de media gaan zelfs geluiden over een reünietournee van Led Zeppelin.

Waarom moeten programmeurs steeds terugvallen op bands waarvan de bandleden vaak de 50 al ruim gepasseerd zijn? Een voor de hand liggende reden is geld. De meeste fans van bovengenoemde bands hebben tegenwoordig een dikke portefeuille en zijn graag bereid die te trekken om de helden van weleer aan het werk te zien. De jongere generatie heeft minder geld en geeft dat bovendien menigmaal liever uit aan games, gadgets, telefonie, kleding en uitgaan. Een meer onderliggende reden lijkt te liggen in de versnippering van het hardrock & metalgenre. Waar in de jaren tachtig vrijwel iedereen dezelfde bands goed vond, is er tegenwoordig een schifting die loopt van AOR tot grindcore. Elk subgenre kent zijn eigen toppers die soms makkelijk zalen met een capaciteit van 5000 of meer mensen voltrekken, maar toch worden ze tot op heden nimmer als headliner op een groot festival geprogrammeerd.

Tenzij de leden van bovengenoemde bands de mentaliteit en het doorzettingsvermogen van James Brown hebben, moeten festivalprogrammeurs binnen enkele jaren op zoek naar nieuwe grote publiekstrekkers. Dat wordt een lastige klus want met uitzondering van Rammstein is de laatste 15 jaar geen hardrock- of metalband opgestaan die zelfstandig een stadion kan vullen. Na veel goede albums en dito concerten slagen genretoppers als Nightwish, Dimmu Borgir, Machine Head, Opeth en Dream Theater er niet in om het stokje van Iron Maiden, Kiss, Rush en Metallica over te nemen. De ontbrekende factor lijkt te liggen in gebrek aan een subgenre overstijgende populariteit.

Waarom lukt het nieuwere bands niet of nauwelijks om een breder publiek te bereiken? Een verklaring ligt in het aantal goede albums. Twintig jaar geleden verschenen per maand hooguit twee of drie goede albums, tegenwoordig zijn dat er veel meer. Dit e-zine telt elke maand een uitgebreide eregalerij en in veel rockbladen staan maandelijks tien of meer uitschieters. Die kwantiteit en vooral diversiteit is prima en draagt bij aan de pluriformiteit en ontwikkeling binnen het genre. Tegelijk zorgt het voor fragmentatie; de aandacht van liefhebbers wordt maandelijks verdeeld over niet twee, maar tien of meer albums. Een indirect gevolg van de hoeveelheid releases is de korte tijdspanne tussen het ene en het volgende goede album. Vroeger stonden goede albums langere tijd in de hitlijsten waardoor meer mensen met de naam van de band of beter nog met de muziek van de band werden geconfronteerd. In de Verenigde Staten stonden uitschieters soms jarenlang in de Billboard lijst. Miljoenen Amerikanen hebben dankzij dat lange verblijf op de lijst kennis gemaakt met AC/DC's 'Back in Black' of Metallica's vijfde album. Langdurige noteringen op de hitlijst zijn geschiedenis; zo zal er nooit meer een band in de buurt komen van Pink Floyd's 'Dark Side Of The Moon' (veertien jaar op de Billboard albumlijst). Tegenwoordig moet een album snel scoren want binnen een mum van tijd is het weer uit de lijsten en publiciteit verdwijnen.

Een andere belangrijke reden ligt in het verminderen van de band tussen luisteraar en artiest. Een paar eeuwen geleden moest je naar het concertgebouw om muziek te horen als je het getokkel van de lokale bard zat was. Met de uitvinding van de grammofoonplatenspeler verhuisde de muziek naar de huiskamer, dankzij radio werd muziek grenzeloos en in het digitale tijdperk is muziek verworden tot consumptieproduct. Muziek hoor je tegenwoordig overal tot in de lift van een winkelcomplex. Die alomtegenwoordigheid heeft de band tussen en artiest en luisteraar vermindert. Lezers boven de 30 herinneren zich ongetwijfeld het uitkijken naar een nieuwe elpee/cd van een van je favoriete bands en het sparen van bijverdiensten om de plaat zo snel mogelijk te kopen. Tegenwoordig hoef je niet meer te sparen en download je het hele oeuvre van de artiest in een half uurtje (of minder). Waar je in de jaren tachtig vaak dezelfde albums luisterde (en soms zelfs de teksten kende) kun je tegenwoordig meer downloaden dan je kunt luisteren. Zodra i-pods, mobieltjes en USB sticks de traditionele geluidsdragers volledig hebben vervangen wordt de band tussen artiest en luisteraar vermoedelijk nog zwakker.

Een laatste reden ligt mogelijk in het ontbreken van een gemeenschappelijke basis. Waar voorheen alle liefhebbers naar hetzelfde radioprogramma luisterden en hetzelfde blad lazen is er tegenwoordig een veelvoud aan online en offline media. Nu ben ik de laatste om aan marktwerking te twijfelen; het bestaan van een veelvoud aan media duidt op vraag uit de markt. Zonder liefhebbers van al die subgenres waren die media er immers niet geweest. De diversiteit in de media zorgt echter ook voor fragmentatie onder de groep liefhebbers.

De grote vraag is wie vanaf 2012 de headliners van de grote rockfestivals worden? Langs de randen van het genre zijn er met een beetje goede wil bands te vinden die een breder publiek aanspreken zoals Foo Fighters en Pearl Jam, maar of die bands metalfestivals kunnen en willen headlinen is onzeker. Van de nieuwe generatie bands lijkt Alter Bridge een voorname kandidaat, maar het is twijfelachtig of zij of welke andere band dan ook, ooit de populariteit van Iron Maiden, Metallica of Van Halen kunnen benaderen. Het voorspellen van nieuwe publiekstrekkers is echter vragen in de glazen bol te kijken en die uitdaging laat ik liever aan onze lezers. De uit coma ontwaakte persoon zal zich na het zien van de setlist van de lopende Iron Maiden tour vermoedelijk niet aan een voorspelling durven wagen.

Richard V. schreef ook de volgende columns