Listen live to Radio Arrow Classic Rock

De hokjesgeest?

Door: Aernout op 5 januari 2003

“Maar wat voor muziek is dat nou dan?” “Tja, het is niet echt gothic metal, maar ook zeker geen doom. Het houdt een beetje het midden tussen melodic en progressive gothic rock. Met hier en daar symfonische doom invloeden.” “...”

“Erger je je nergens aan?”, vroeg Herr Überlord Horst mij een paar weken geleden, toen ik zo'n beetje werd gepolst voor een column. “Nee, niet echt,” dacht ik instinctief. Maar dat is natuurlijk niet waar. Waar ik me soms een beetje aan erger, al is dat als journalist wellicht heel fout, is het feit dat tegenwoordig alles maar in een hokje gestopt moet worden. We hebben, alleen al in de gothic scene, al zijtakken als gothic doom metal, gothic metal, gothic rock, fairy tale metal, symfonische gothic, progressieve gothic, power gothic, industrial gothic en weet ik wat voor onzin nog meer. Natuurlijk, als insider weet je ongeveer wel wat in welk straatje thuis hoort. Maar hoe zit dat voor de nieuwkomers? Hoe leg je iemand het verschil tussen Death en Black uit? En hoe leg je daarna uit dat Opeth bij de Death wordt gerekend? Is dat überhaupt wel zo? En hoe lang, om wederom collega Evil Dr Smith maar weer eens aan te halen, is het zo dat een band kan teren op de metal wortels die ergens onder dikke lagen stof en non-metal cds begraven liggen kan en mag teren? Is het omdat The Gathering de wereldplaat 'Mandylion'op haar naam heeft staan, dat 'Souvenirs' toch ook bij de metalsstores dient te liggen? En hoe Death is een nummer als 'Benighted' van Opeth? Of hun laatste plaat, 'Damnation'? En hoe zit het met nog minder duidelijke zaken. Nightwish wordt vaak tot de gothic metal gerekend, maar is dat terecht? Power ritmes, dus power, al is het dan met een vrouw. En is een vrouw het kenmerk van gothic metal? Nee! Kijk naar Whispering Gallery en Morphia, twee buitengewoon goede bands van eigen bodem, die gothic doom metal maken. Geen vrouw te bekennen op het podium, al heeft Morphia wellicht ook live nog een verrassing voor ons in petto met een violiste, die op twee nummers wat mee komt spelen. Maar nu spreek ik voor mijn beurt.

Goed, qua muziek is het soms moeilijk om iets in hokjes te plaatsen, omdat er geen vaste kaders en definities zijn die je aan een bepaald genre binden. Maar toch doen we het. Waarom? Vanwege het, hoe paradoxaal het ook moge klijken, gemak! Een voorbeeldje. Deze maand kunt u van mij een review lezen van een schitterende Slovaakse plaat, 'Reginae Mysterium' van Orkrist. Als ik tegen iemand zeg dat die plaat een geweldig album is, zullen ze natuurlijk altijd vragen wat voor muziek het dan wel is. Als je met enkele op zich simpele termen die ander dan een redelijk accuraat idee kunt geven van de te verwachten muziekstijl, begrijp je elkaar tenminste. Handig, al raak je soms door al die termen, takken en zijtakken wel eens het spoor bijster.

Maar hoe zit het dan buiten de muziek. Ik weet nog goed hoe, toen ik op de middelbare school aan de andere van het bord te vinden was, ik zwaar het schurft kreeg van de mensen die mij en anderen steeds maar in hokjes probeerden te stoppen. Goed, ik hield ook toen al van metal (en zelfs een tijdje van punk) en droeg dat uit. (Wat dat betreft is er feitelijk verdomde weinig veranderd sinds de jaren 70 toen hardrock langzamerhand groot werd.) Wat ik door mijn medeleerlingen naar mijn kop geslingerd kreeg was dat ik een alto was (Nee, lieverds, dat is een auto, een Suzuki), een skater (Ik kan niet schaatsen, noch op (een plank met) wieltjes, noch op ijs), een metalhead (Hehe, eindelijk de waarheid), punker (Nee!) of een satanist (Zoekt u dit even op in het woordenboek alvorens het naar mijn kop te slingeren? BVD). Tuurlijk, propt u mij maar in een hokje. En wat zijn jullie dan wel?

Op een gegeven moment werd ik er echt helemaal geschift van, en ging ik dingen doen om niet in een hokje geplaatst te kunnen worden. De ene dag naar school met mijn kistjes, lange haar, zwarte broek en mijn Impaled Nazarene-shirt aan (*schaam*). De volgende dag kwam ik doodleuk met een witte Bad Religion-longsleeve, met een groene skatebroek aanzetten, om vervolgens de dag daarna in een wollen driekwartsjas, jaren 70 polo en pantalon het schoolplein te betreden. Mijn (nog immer niet verzwakte) voorliefde voor zwarte kleding heb ik zelfs een tijdje opzij geschoven, om maar niet in het hokje der satanisten geplaatst te kunnen worden. Belachelijk! Maar dat is dan ook niet de reden van dit schrijven. Ik vroeg me toen namelijk ook al af waarom mensen alles zonodig in hokjes moeten stoppen, archiveren bijna. Ik denk dat ik nu een deel van het antwoord gevonden zou kunnen hebben. Door iets een plekje te geven, of liever, door iets op die plek te stoppen waarvan jij denkt dat het er thuishoort, erken je dat het een plaats heeft, en erken je feitelijk dat het bestaat en bekend is. Maar het indelen in hokjes betekent feitelijk ook een miskenning van de individualiteit van de mens. Geen mens is exact gelijk, toch? Ook tweelingen niet. Dus waar je wellicht vrij veel mensen in zou kunnen delen in het hokje 'Goth', zou je binnen dat hokje weer soortgelijke opdelingen kunnen, misschien wel moeten, maken, als in de inleiding genoemd bij de muziekstroming gothic. En dan raakt iedereen het spoor weer bijster, want wat de een gothic rock vind, is voor de ander metal. Wie voor de één een die-hard gothic fanaat is, is voor de ander een zielige wannabee met spikes en studs en een rok. Maar Pietje zal voor iedereen altijd Pietje (of voor de extremere Pietjes, Pieternel) zijn. Of hij nu gothic is, of death, of black, of R&B.

Voor de liefhebbers van het hokjeswerk is er een tentoonstelling te zien van het kunstenaarsduo Ari Versluis & Ellie Uyttenbroek die met behulp van enkele kunstgrepen de uniformiteit binnen de pluriformiteit van de straatscene aan de dag leggen. De voorstelling 'Exactitudes on screen' is te zien in de videogalerie van het hoofdgebouw van de Technische Universiteit Eindhoven, en loopt nog tot ongeveer het midden van deze maand.

Aernout schreef ook de volgende columns